Kerygma

Alles van waarde is weerloos

Soms. En dan.

29 July 2010 over mira

We zijn op bezoek bij vrienden met een boorlingske. Ik hoor het kleine muizeke piepen in de draagdoek en zie de vader rondjes lopen, en ik weet weer hoe het voelde. Ze hadden een goede nacht gehad: twee keer drie-en-een-half-uur kunnen slapen. Ik kijk naar mijn bijna éénjarige die enthousiast in een tuinstoel op en neer stuiterde en glimlach, volmaakt gelukkig.

Fast forward een uur of vijf.

Ik ben te laat gaan slapen, en ik ben net in mijn eerste slaap gesukkeld als ik de dochter hoor piepen op de babyfoon. Het gepiep gaat over in een bleitingske, dus ik sta op. 1.30h staat er op de klok. Ik sus, loop rondjes en leg haar terug. Om 2.30h herhaalt het scenario zich, kwart na drie opnieuw. Om 4.30h sta ik in de keuken met een bijna éénjarige op de arm een flesje te maken.
Als ze om acht uur opstaat voor echt, sleep ik me naar beneden. Het regent, we kunnen niet naar buiten en ik probeer hardnekkig de slaap uit mijn hoofd te krijgen. Het liedje van de kinderpiano die ze tegen de tafel ramt helpt wel, natuurlijk.

Soms. En dan. Op naar beter deze nacht, mogen we hopen.





Ge ziet daar allemaal het schoonste van.

27 July 2010 over ergert u zo niet!

stoer dat ik ben.

Als er een kermis is, dan moet ik op het schietkraam. Zo is dat, en het is niet anders. Zonder opscheppen, ik kan dat dus ook echt goed, en ik hoef niet eens “voor een vrouw” aan deze zin toe te voegen. Gisteren waren wij met het kind op de kermis, voor haar very first velomoleke-experience en toen wilde ik dus naar het schietkraam. Eerst lief een potje kogels, terwijl ik bij de buggy bleef, daarna mijn beurt. Eerste kogel: gat in de lucht. Twee: idem. Drie: nog eens. Vier, vijf: ook al. Lief keek niet begrijpend, terwijl ik hem zwaar met mijn ogen draaiend het geweer in de handen duwde en snauwde: hier, doet gij maar.

Ik zeg u dus bij deze: ik kan absoluut geen geel pijpke raken als er tien meter verder vier giechelende pubermarginalen mijn lief aan het filmen zijn met hun gsm. Bekende vlamink, my funky ass zeg.





Terug.

27 July 2010 over het grote web

Het spel was gehackt, zeg. Terwijl ik onschuldig aan een Frans zwembad lag en matrozen zag passeren bij de buren, werd er vuiligheid op de server gezet.
Enfin. Het zou opgelost moeten zijn. Laat eens weten of ge mijn feeds terug binnenkrijgt in uw reader.

(oh, en deze keer heeft Michel mij slechts een klein beetje de weg moeten wijzen, al de rest heb ik zelf gevonden. You can call me sheldon now.)





Catch 22.

26 July 2010 over ergert u zo niet!

Mijn RSS-feed is kapot.
En ik weet niet hoe ik het moet oplossen.
En de pech is dat iedereen die er iets van kent waarschijnlijk via RSS leest. En dit dus niet leest. En dus niet weet dat ik een probleem heb.

Gawd. Hoe Kafka is dat niet zeg.





Even niet.

25 July 2010 over coo-hool,leven

Deze nacht was ik even geen mama. Ik was een meiske in baudelo dat bier over zich liet morsen en daar gewoon mee moest lachen. Ik stond vloekend in de rij voor de toiletten wegens te lang gewacht om te vertrekken en dringend. Ik haalde zoveel pintjes als ik in één keer kon dragen en deelde uit aan wie op dat moment rond mij stond. Ik rookte te veel sigaretten, en weerstond de roep van irish coffee die de volgende dag een slecht idee blijkt. Hoewel ik dus wel vreselijk veel zin had in de slagroom. Ik was één van de massa voor de kinky star, joelde mee bij de confetti en zoende mensen die ik kort daarvoor wel of veel te lang niet had gezien. Ik leerde de geheimen van het circus, stelde een kersverse vader gerust, at vuile hamburgers, wandelde op blote voeten met mijn lief naar huis en ging slapen toen de zon al opkwam.

En om half elf stond ik zonder morren op, ging de dochter halen en werd weer mama. Een mama met een houten hoofd, maar ook een lijf vol verlangen naar een paar weken niksdoen, niks moeten, en absolute rust met ons drie thuis.

Ik zie u vast in het parkkaffee, of in het keizerspark, of op de plage tatoeage, ergens de komende weken, niet?





Twee. Drie.

23 July 2010 over mira,projecten

U bent natuurlijk berenieuwsgierig naar dag 2 en dag 3, niet? In puntjes.
- Op dag twee tierde Mira van zodra K. de deur binnenkwam. Subtext being: hey, ik dacht dat we gisteren hadden afgesproken dat we dit niet meer gingen doen.
- ik ben toch doorgegaan, heb op straat een sigaret moeten roken en vijf minuten het trillen van mijn benen en het prikken van mijn ogen moeten wegslikken
- Mira heeft op dag 2 minder gehuild, maar nog steeds veel. En even weinig gedronken.
- Op dag drie tierde Mira van zodra K. de deur binnenkwam. Subtext being: hey, ik dacht dat we gisteren en eergisteren hadden afgesproken dat we dit niet meer gingen doen.
- ik ben toch doorgegaan en hoorde na twee minuten aan de deur dat het huilen minder werd.
- Na tien minuten is Mira gestopt met tieren, zo blijkt. Ze heeft nog niet echt veel gedronken, maar wel iets meer.

Progressie, mensen.





Deze keer bijten we door.

21 July 2010 over mira,projecten

Gisteren had Mira een babysit. Niet zoals we het vaak doen, maar voor echt. Normaal gezien is het ofwel mijn mama, ofwel stop ik haar zelf nog in bed. De andere optie hadden we een paar maand geleden al geprobeerd en dat was geen onverdeeld succes, dus hebben we het even opgeborgen.
Maar gisteren kwam K. dus om zeven uur, Mira heeft het anderhalf uur tot ze ging slapen afwisselend gehuild en gespeeld, maar ze is wel gaan slapen uiteindelijk. Zonder veel melk te drinken, maar enfin.
Deze nacht had ze om vier uur honger, heeft ze een kwart liter melk achterover geslaan en daarna geslapen tot na negen uur.

Mijn hart breekt dat ze zoveel verdriet heeft als we er niet zijn, maar deze keer ben ik vastberaden: Mira is bijna een jaar en ze moet langzaamaan toch ook eens aan iemand anders wennen. Andere mensen dan ons, de grootouders en Saskia-van-de-creche. En dat altijd om negen uur pas afspreken als mijn mama en papa niet kunnen is op termijn niet houdbaar: we kunnen bijvoorbeeld nooit eens naar een theatervoorstelling ofzo, terwijl ik dat zo graag eens doe. Ik ga dus doorbijten deze keer, en vanavond komt K. opnieuw. En morgen nog eens. Duimt u even mee dat ze snel went?





Overlast aan de noordwestelijke kant. Awoert!

19 July 2010 over ergert u zo niet!

Ofwel is er een ferme misdadiger ontsnapt, ofwel houdt de staatsveiligheid Batakamp ook vanuit de lucht in de gaten. Ofwel dachten de flikken: goh, we hebben die helicopter nu toch ontleend bij de politionele uitleendienst, we kunnen hem nu evengoed gebruiken.

Alleszins: eeei! Stop keer met over mijn huis te vliegen, maat! Ik probeer naar een film te kijken en mijn kleine slaapt.





Die keer dat wij thuiskwamen.

17 July 2010 over leven

En toen keek ze dus naar de posters in onze inkomhal, ze wees met haar mini-vinger, haar hele gezicht vertrok en ze zette het op een hartverscheurend huilen. Ze pakte me stevig vast. En ik pakte haar stevig vast, want ik herkende het huilen. Het was opluchting. Hetzelfde huiltje dat ze doet als we haar afhalen van de creche. Een paar seconden maar, alsof ze wil zeggen “ik dacht, ze gaan mij nooit meer komen halen, maar ge zijt hier, moeder, en ik ben zo content”.

Ze huilde omdat we thuiswaren deze keer, ik wist het wel. Omdat ze plots besefte dat we *niet* voor altijd in de auto waarin ze de afgelopen 15 uur haar lot lijdzaam had ondergaan, zouden resideren. Omdat ze plots besefte dat ons tijdelijke huis in frankrijk tijdelijk was en dat ze dus helemaal niet hoefde te wennen aan die nieuwe kamer om te slapen. Ze heeft dat zo goed gedaan op reis, dat ik moedersgewijs blink van fierheid: zo blij gespeeld, zo lief geweest voor de andere kindjes, zo flink gegeten en zo vrolijk geweest. Alleen dat slapen in den vreemde, dat was niets voor ons mevrouw. En dat autorijden: niet zo’n succes, zoals bij de meeste kindjes.

Alleszins: haar korte huilbui werd gevolgd door een urenlange euforie, waarbij ze de hele living rondkroop en al haar speelgoed onder luid gebrabbel in het rond strooide. Waarbij ze als een halve zot in en uit de zetel kroop, al haar boeken bekeek en bijna door de vacht van Boogie heen streelde. Toch een beetje gehecht aan haar vertrouwde omgeving, ons Mira.

Maar wij zijn dus terug van een weekje in het Zuiden. En we hebben een hoop fantastische verhalen, die ik de komende dagen allemaal ga uitschrijven. Verhalen over disco time en een Afro. Verhalen over het feest van de brandweer en dat 17 het noodnummer is in Frankrijk. Verhalen over verkleed als smurf naar een markt gaan. Verhalen over eten dat verstopt zit onder uw poep. En verhalen over om half drie met uw baby op een oprit rondlopen om te vermijden dat ze alle andere kindjes wakkermaakt.

Enfin, the usual. Maar nu eerst slapen.





Hoe krijgt ge uw zin, in vier stappen.

8 July 2010 over coo-hool

Eén.
We zoeken een broek om met de auto te rijden. Iets licht, want we gaan naar het zuiden. Maar een rokje is niet aangenaam in de auto, ‘s nachts. Hij wil er meteen ook één. We besluiten de stad te vermijden en ik stel voor naar de JBC te rijden op de ring. Ik weet dat hij mee zal gaan, want er is een Mac Donalds bij de JBC en Mac Donalds, daarvoor komt het lief al eens buiten.

Twee.
In de auto onderweg zeg ik: die rondslingerende CDs, eigenlijk is dat vervelend é. Hij mompelt uhuh. Ik zeg: Kenneth, die had toen we op reis gingen naar Bordeaux, zo’n map in de auto. Daar kunnen superveel CDs in en dat is gemakkelijk en uw CDs geraken niet in verschillende doosjes en er komen geen krassen op. Hij mompelt: uhuh. Maar ik moet dat niet hebben. Dan ligt ge daar met al die lege doosjes. Ik antwoord: owkey, dan niet.

Drie.
We lopen wat rond in JBC en vinden niks. Natuurlijk, dat. We stappen buiten en wandelen richting Mac Donalds. Zonder iets te zeggen stap in de Vandenborre binnen die we tegenkomen. Hij vraagt: wat gaat ge doen? Ik antwoord: keer kijken naar de CD-mappen.

Vier.
Ik zwaai een CD-map voor zijn gezicht en zeg: 72. Voor maar elf euro é. Hij zucht, neemt de map en gaat betalen aan de kassa. We eten Mac Donalds. In de auto op weg naar huis haal ik CDs uit doosjes en stop ze in ons nieuw opbergsysteem.

Win.





Volgende Pagina »